Rotsklimmen Geschiedenis
In zijn puurste vorm is Klimmen het omhoog gaan, of het nu een heuvel, een berg, of een kunstmatige wand is. Er zijn vele types, stijlen en varianten bij het Rotsklimmen. De Geschiedenis van het Rotsklimmen kan worden toegeschreven aan een variatie van het Klimmen; namelijk Bergbeklimmen. Bergbeklimmers hebben altijd de neiging en drang om meer en moeilijkere bergen en terreinen te beklimmen. Tevens omvat het het Beklimmen van steile rotsen en wanden.
Rotsklimmen werd lang gezien als een onderdeel van Bergbeklimmen waarbij bergbeklimmers wanden beklommen om zich voor te bereiden voor de langere Klimexpedities. In de jaren '20 ging men het zien als een essentieel onderdeel van Bergbeklimmen, en in de jaren '50 werd het al gezien als een losstaande sport. Meer en meer mensen raakten enthousiast erover, en zodoende kwam er een waarderingsysteem op gang, welke de moeilijkheidsgraad van een beklimming in kaart bracht. Omdat dit in verschillende landen op verschillende momenten opkwam had bijna elk land wel een eigen gradatie-systeem. Ook werden omstreeks deze tijd Verschillende Klimstijlen ontwikkeld, gebaseerd op het terrein, met of zonder touwen en ander materieel, indoor of outdoor, etc.
Na verloop van tijd werd het een trend om de beklimmingen korter maar moeilijker te maken. Veiligheid en bescherming werden steeds meer belangrijke aspecten, wetende dat Rotsklimmen erg risicovol kan zijn. Specifieke technieken en spullen werden ontwikkeld voor de klimmers omdat klimroutes steeds grotere en moeilijkere uitdagingen boden.
De Geschiedenis verteld ons dus dat Rotsklimmen begon als een subsport van het Bergbeklimmen. Over de jaren zijn er vele ontwikkelingen geweest tot het een op zichzelf staande sport werd, en tot op heden wordt het steeds polulairder. Mensen van alle rangen en standen doen aan deze uitdagende sport, en de Klimtechnieken en materieel ontwikkelen zich steeds zodat de Rotsklimmers nog meer kunnen genieten van de sport.
|